1 koningen 17

“Het land is droog en de komende tijd zal daar geen verandering in komen”. Elia brengt de onheil boodschap bij de koning van Israël en daarna zegt God tegen hem:”ga weg van hier, ga naar de plaats die ik je wijs en schuil daar”

Het is zo voor te stellen dat Elia het liefst had gezien dat God de droogte ging verdrijven met regen. Maar God gebruikt de periode van droogte om Israël tot inkeer te brengen. Strategisch en pedagogisch werkt God ernaartoe dat het volk zelf weer terug komt. Elia had niks anders dan te accepteren dat de droogte ging blijven. God had een plan.

Wat zouden we graag onze droogte zien oplossen, onze tijd van stil staan, wachten op herstel, een wonder, genezing of juist onze geestelijke droogte zien plaatsmaken voor een overvloedige voelbare aanwezigheid van God.

Maar voor Elia gebeurt dat niet. Hij moet vluchten en schuilen. Hij heeft midden in een tijd van gevaar een schuilplaats nodig. God wijst hem aan waar hij naar toe moet gaan.

Elia gaat naar de plaats waar hij kan schuilen en daar verrast God hem met zijn zorg. Daar gebeurt het onverwachte, het ongewone en dit geeft gelijk zoveel betekenis aan die periode van droogte.
Raven komen s’ ochtends en s’avonds om Elia van brood en vlees te voorzien. God de voorziener, blijkt die veilige schuilplaats te zijn die ook Elia in een onmogelijke situatie weet te voorzien van eten en drinken.

In gehoorzaamheid gaat Elia naar de plaats die God hem wijst om zo de tijd van droogte in een schuilplaats door te brengen en daar gebeurt het ongewone. Mag God jou ook een plaats wijzen waar je mag schuilen? Tijdens deze tijd van droogte? Mag Hij je daar voeden, sterken, verzorgen en ook verrassen? En zoek jij je schuilplaats bij Hem.

Ze was de grondlegger van Mozes’ educatie, want ze maakte scholing voor hem mogelijk. Als enige slaaf ontsnapte Mozes aan een doodvonnis en kwam hij te wonen aan het hof van de Farao. Waar hij vrijheid, goed voedsel en educatie kreeg.
Ze wordt niet bij naam genoemd; misschien wel omdat haar rol in de bevrijding en grondlegging van God’s volk te pijnlijk is en ze geen eer verdiend.

Ze wordt gekozen als vrouw voor Er, de oudste zoon van Juda. Het lijkt alsof ze zelf geen inbreng heeft. Zij wordt gekozen en gegeven aan een man die slecht was en al jong sterft.
Uitgehuwelijkt en vervolgens jong weduwe.